Gezonde en duurzame landbouw

 

Ga beter wat minder op reis en

 betaal voor gezond voedsel een rechtvaardige prijs.

______________________________________

Liever wat minder comfort

maar gezond en veilig voedsel op mijn bord.

_______________________

Boeren hebben nood aan een gezonde bodem,

aan zuivere lucht en water

Anders zit binnenkort heel de mensheid met een

 vreselijke kater

 

 

Rechtvaardiging en benadering van deze aflevering

Tot nu toe heb ik op mijn blog vooral meer geestelijke bedenkingen geplaatst en ging mijn engagement en aandacht vooral uit naar meer fundamentele overwegingen, waarop mijn doen en laten werd afgestemd. Maar ook op materieel en sociaal vlak zijn bepaalde menselijke aspecten meer dan de moeite waard om besproken te worden, omdat ze de levenswijze  en uitbuiting van bepaalde groepen van mensen in onze samenleving belichten en omdat onrecht steeds dient aangeklaagd vanuit de volstrekte evenwaardigheid van alle mensen; iedereen heeft recht om menswaardig te kunnen leven en niemand heeft het recht om het geluk van anderen te belemmeren uit eigenbelang en egoïsme.

Het is goed en nuttig  dat IEDEREEN inzicht kan krijgen in de problematiek waarmee landbouwers te maken hebben  om te kunnen overleven.

De hiernavolgende tekst schept daarover enige verduidelijking.

Om een duidelijk inzicht te krijgen in het ongekende boerenleven is heel wat uitleg en duiding nodig.

De laatste jaren hebben de boeren al meermalen van zich moeten laten horen, omdat zij met hun inzet en werklust zelfs geen menswaardig loon kunnen verwerven. Wat meer is: heel wat landbouwers werken met verlies niettegenstaande het groot arsenaal aan dure machines en hypermoderne stallingen, die hen door de banken worden aangesmeerd als oplossing voor verhoging van hun inkomsten. Dit is een misleidende richtlijn, die juist het tegendeel bewerkstelligt. Hun onkosten en afbetalingen zijn daardoor meestal hoger dan hun inkomsten. Zij staan onder geweldige druk van de geldschieters, die alles bepalen en hen stevig in hun macht willen houden om hen blijvend uit te kunnen zuigen. Zo zijn zij in feite verplicht de opbrengsten en het rendement voortdurend op te drijven ten nadele van hun eigen geluk en beroepsfierheid, van de voedselkwaliteit en van het milieu: pesticiden en kunstmeststoffen moeten zorgen voor een steeds maar stijgende meeropbrengst. Het werk van de natuur volstaat niet meer en alles moet met kunstmatige middelen maximaal opgedreven worden. Daar zorgen de multinationale industriële bedrijven wel voor, die de kleine boeren psychologisch en moreel “verplichten” om hun producten overdadig te gebruiken en hen door een nooit stoppende schaalvergroting mee trekken naar hun ondergang. Zo worden boeren de slaven van banken en kapitaal. Zij hebben zelf niets meer in de pap te brokkelen en zijn helemaal gebonden aan en afhankelijk van hun geldschieters. Boeren rijden nochtans vaak in dure auto’s om de schone schijn in onze maatschappij hoog te houden, wijl ze in feite in armoede en grote financiële onzekerheid moeten leven; een beangstigend gevoel dat hen dag en nacht schrikbarend bezighoudt. Het wordt steeds maar moeilijker voor hen om op een slappe koord te dansen en daarom zullen heel wat boeren er de brui aan geven; een echt menselijk drama met soms heel verregaande gevolgen. Hun eigenwaarde en zelfbeeld wordt maatschappelijk onder het nulpunt geduwd.

Wat ik hierboven heb neergeschreven

is een actualisering van de tekst die ik reeds in mei 2001 heb geschreven naar aanleiding van een betoging voor een hogere en rechtvaardige melkprijs voor de landbouwers. Om de waardeloosheid van de melk te illustreren lieten boeren 10.000 den liter melk zomaar wegvloeien als teken van onrecht en onmacht. Nu in 2015 moeten boeren nog altijd opkomen voor een rechtvaardig loon om te kunnen blijven bestaan en om menswaardig te kunnen leven.

Daar waar de vakbonden opkomen voor een rechtvaardig (?) loon voor alle arbeiders

wordt dat principe niet toegepast voor de landbouwer: hij wordt eigenlijk door de distributeurs en de grootwarenhuisketens en ook wel door hun eigen beroepsvereniging tot op het bot uitgebuit om hun producten aan dumpingprijzen af te zetten. Het is de voedselsector zelf die eenzijdig de aankoopprijs bepaalt, maar tevens ook de verkoopprijs aan de consumenten. Zij zijn het dan ook die ontzaglijke winsten opstrijken door een schandalige uitbuiting van de landbouwers. (lees in dit verband het boek van Kris De Stoop over de morele pijn  bij de ont-er(f)ving van het familiaal landbouwbedrijf voor natuurcompensatie ten gevolge van  de havenuitbreiding  van Antwerpen: meedogenloos, onmenselijk en mensonterend die diepe sporen nalaat bij boeren die aan hun grond verknocht zijn).De liefde voor de natuur  en voor moeder aarde is in de huidige industriële landbouw totaal onbestaande en beroepsfierheid wordt omgeruild voor winst, geld, grootschaligheid, aanzien en schone schijn. Men beseft niet meer dat gezond en natuurlijk voedsel een topprioriteit  is voor de volksgezondheid: Alleen het rendement en de productie van veel en goedkoop voedsel staat bij hen in het middenpunt van de belangstemming. De ontzaglijke winsten gaan echter nooit naar de kleinschalige producenten, wiens verloning zich vaak onder de armoedegrens bevindt.

Voorstellen om een waardig loon voor de landbouwers te garanderen

Daarom zouden de aankoopprijzen moeten opgetrokken worden, zodat ook de landbouwer een inkomen kan verwerven waarvan hij kan leven: een minimum prijs voor de producten van kleinschalige producenten, die nog op natuurlijke wijze –zoals vroeger- voor ons voedsel willen en kunnen zorgen zodat ze een menswaardig en redelijk loon kunnen verwerven. Tot net voor de tweede wereldoorlog was al het voedsel dat geproduceerd werd trouwens biologisch geteeld. Dat zou de normale gang van zaken moeten zijn voor al ons voedsel maar is hier in het Westen zelfs niet meer mogelijk door de immense vervuiling van het leefmilieu; water, lucht, bodem en ondergrond zijn grondig aangetast door de industriële vervuiling, door de restafval van producten die aangemaakt worden door de farmaceutische bedrijven (medicamenten, antibiotica, voedselsupplementen, hormonen en allerlei ander gesjoemel) die tot in de diepste lagen van de grondwaterspiegel zijn doorgedrongen. Ook de gentechnologie speelt een beangstigende rol, omdat niemand de gevolgen op langere termijn kan inschatten of vermoeden; het is poker spelen met het leven zelf.

De klimaattop die nu zondag 29 November besproken wordt in Parijs

door alle Europese regeringen over de dreigende opwarming van de aarde, in navolging van het Kyoto akkoord en het verdrag van Wenen, is slechts een van de zeer vele problemen die dienen opgelost te worden bij hoogdringendheid. Als wij aan de volgende generaties mensen en aan het leven op aarde nog toekomst willen geven, moeten wij met zijn allen stoppen met zonder scrupules de rijkdommen der aarde onnodig te verkwanselen, de voorraad fossiele grondstoffen te verbranden voor onze zinloze verplaatsingen en om onze veel te grote en slecht geïsoleerde huizen te verwarmen. Bovendien moeten we stoppen met het vervaardigen van totaal overbodige luxe goederen door de industrie, die produceren om te produceren en uiteindelijk maar worden aangemaakt om weggeworpen te worden en zo ons leefmilieu een tweede maal extra te belasten. Kortom we moeten spaarzamer omspringen met de rijkdommen van moeder aarde en meer belang gaan hechten aan de dingen die er echt toe zullen doen. We moeten veel meer investeren in menselijke relaties omdat we alleen zo een menswaardig geluk kunnen opbouwen voor onszelf door onze betrokkenheid op onze medemens. Wedden dat zo’n ingesteldheid ons veel gelukkiger kan maken dan materiële bezittingen, dan macht, aanzien en vergankelijkheid? Door dienstbaarheid  worden we pas “goede mensen”. Dat is ook de enige norm die universeel kan toegepast worden. Wie geeft krijgt veel meer terug dan hij gegeven heeft; een zeer intense geluksbeleving en tevredenheid die je gratis en voor niets er zomaar bovenop krijgt.

Vroeger en gedurende eeuwen

spendeerde men meer dan de helft van zijn loon of van zijn inkomen aan levensnoodzakelijke behoeften (huisvesting, kleding, gezondheid, verwarming, voedsel, onderwijs…). Nu gaat dat deel van ons budget naar luxe, comfort, vermaak, sport en …het belangrijkste deel gaat naar verre exotische reizen eventueel zelfs 2 à 3 x per jaar. Zo verdienen we nooit genoeg: onze drang naar genot is zo onrealistisch hoog geworden dat we vinden dat we de boeren onmogelijk meer kunnen betalen voor gezond geproduceerd voedsel. Voor onszelf is echter veel nooit genoeg en we vinden dat we voor onszelf zelfs nog veel te weinig verdienen: Er wordt inderdaad nog steeds maar meer geproduceerd dat we niet kunnen consumeren. Wij zijn echter buitenmatig verwend en –wat nog veel erger is- we leven in feite op de kap en de uitbuiting  van bepaalde medemensen, niet enkel in de derde wereldlanden, maar ook hier ter plekke door enkel een hongerloon te betalen  aan naarstig werkende landbouwers die voor ons nog gezond en natuurlijk voedsel kunnen en willen produceren .Dat is immers essentieel voor de volksgezondheid en voor de toekomst van de mensheid. Het is het belangrijkste fundament waarop de mensenrechten gestoeld zijn.

Dat, door de schone kleren actie, gewerkt wordt aan een menswaardige verloning

van de producent, hebben o.m. de wereldwinkels hier bij ons goed begrepen; zij komen op om de uitbuiting tegen te gaan in arme landen waar mensen voor een hongerloon, in  soms onmenselijke omstandigheden, zonder enige sociale bescherming, een willekeurige urenweek, bepaald door de bazen, en met inzet van kinderarbeid. De wereldwinkels komen op voor eerlijke handel met arme boeren in het Zuiden, zodat ook zij een loon kunnen verwerven om menswaardig van te kunnen leven.

Het is goed en lovenswaardig

dat men zich hier het lot van armen in de derdewereldlanden aantrekt om uitbuiting tegen te gaan en hen zo een menswaardig leven te kunnen garanderen. Nochtans mogen we niet vergeten dat hier bij ons mensonwaardige arbeidsomstandigheden bestaan waarbij hardwerkende landbouwers worden uitgebuit en verplicht worden in verdoken armoede te leven. Ook dit onrecht moet bestreden worden; ook zij hebben recht op eerlijke handel  en op een menswaardig loon naar werken.

Ik hoop dat, mede door deze nieuwe inzichten zoals ik ze hier summier heb geschetst, ook bij ons de uitbuiting van landbouwers kan stopgezet worden en dat wij als gemeenschap bereid zullen zijn om voor hun producten een rechtvaardige en eerlijke prijs te betalen ten voordele van ons allemaal en van de volksgezondheid. Dat is een echt teken van solidariteit, waar zowel producent als consument beter van worden. Het leven is een constante verplichting om keuzes te maken; kiezen we voor onnodig en overbodig comfort, of zien wij de noodzaak in om voor het essentiële te kiezen door solidair te zijn met onze medemens. Door daarvoor te  kiezen, kiezen we ook voor het geluk van medemensen, dat gelijktijdig ook ons eigen geluksbeleving zal bepalen; een wederzijdse beïnvloeding die onze verbondenheid illustreert.

Wat meer rechtvaardigheid en solidariteit moet opnieuw de basis worden van het sociaal- maatschappelijk weefsel en van wederzijds engagement. Zo krijgt ook de boer waar hij recht op heeft: EEN RECHTVAARDIG INKOMEN NAAR WERKEN.

 


 

Hier volgt de originele tekst zoals hij door mij in mei 2001 geschreven werd.

De belangrijkste taak van de landbouw

bestaat erin gezond, veilig, natuurlijk en lekker voedsel te produceren zonder ons leefmilieu naar de drommel te helpen. In het verleden en gedurende eeuwen heeft de landbouw zich voortreffelijk van deze taak gekweten. Wij zijn daarvoor bijzonder fier op hen en tevreden voor hun inzet. Helaas gaat het nu een totaal verkeerde kant op.

Maar nu zitten we met de landbouw wereldwijd serieus in de stront.

Overbemesting door grootschaligheid en door toedoen van scheikundige meststoffen én het overdreven gebruik van bestrijdingsmiddelen allerlei, zijn verantwoordelijk voor vervuiling van water, lucht en grond. Zo wordt het ecologisch evenwicht verstoord en wordt ons leefmilieu gehypothekeerd voor onze kinderen en voor de toekomstige generaties; we zijn ons langzaamaan zelf aan het vergiftigen!

De “recente” calamiteiten in de veeteeltsector.

-dioxine-crisis, varkenspest, dollekoeienziekte, vogelpest, mond- en klauwzeer en de Afrikaanse vlieg- zijn slechts de koortsthermometer van ons ziek, grootschalig industrieel landbouwbeleid wereldwijd. Hormonen- en antibioticagebruik en allerlei ander gesjoemel via krachtvoer en gewaagde technologieën (gentechnologie) vormen een reële dreiging voor de volksgezondheid.

De huidige landbouwvisie faalt dus op alle vlakken en kan niet meer beantwoorden aan zijn primaire taak noch aangaande voedselveiligheid, noch aangaande milieuzorg en duurzaamheid: echt gezond, natuurlijk, gevarieerd en lekker voedsel produceren seizoensgebonden en zoveel als mogelijk uit eigen land om onnodig vervoer uit te sluiten. Dat is hetgeen we moeten nastreven om moeder aarde gezond en wel te kunnen overdragen aan de volgende generaties.(lees hierover meer bij WERVEL =werkgroep voor rechtvaardige landbouw).

De Gatt-akkoorden, die de vrije wereldhandel ook voor arme landen“opleggen”

in het voordeel van de rijke landen, zijn wereldwijd verantwoordelijk voor de uitbuiting van de kleine familiale boerenbedrijven niet alleen in de derdewereldlanden maar ook hier bij ons. Door de vrije wereldhandel heeft de agro-industrie greep gekregen op de voedselketen. Zij beogen een buitensporige winstmarge voor zichzelf en bepalen de voedselprijs. De onafhankelijke kleine producent krijgt voor zijn product slechts een peulschil. De grootschalige industriële landbouwbedrijven daarentegen verknoeien ons voedsel en profiteren buitenmatig van de subsidiëringswaanzin van de overheid. Mede daardoor wordt de kleine boer tot zelfvernietiging gedwongen. Als hij nog leeft is het alleszins in miserie en onder de armoedegrens.

Om adequate oplossingen te vinden

voor dit netelig probleem moet tegen de gevoelige schenen gestampt worden van diegenen die met al hun intellect, wijsheid en wetenschap tenslotte verantwoordelijk zijn voor de huidige impasse in de landbouw: zowel de grootschalige industriële bedrijven, de vaak misleidende boerenverenigingen zelf als de bureaucratische Europese instellingen gaan in deze materie zeker niet vrijuit. Het gezond boerenverstand van de mensen in ’t veld moet opnieuw de bovenhand halen. De primaire taak van de landbouw moet opnieuw hersteld worden. Voedsel is geen product waarmee kan gemarchandeerd en gesjoemeld worden omdat het essentieel is voor het overleven van de mensheid. Die ontzaglijk zware taak rust op de schouders van bewuste landbouwers en daarvoor moeten ze –ook financieel- kunnen gewaardeerd worden om zo een menswaardig leven te kunnen opbouwen.

Drastische en eigentijdse maatregelen dringen zich op om het landbouwbeleid structureel en visionair te actualiseren

 

en om begane vergissingen weer recht te zetten. Om onze voedselveiligheid opnieuw ingang te doen vinden moet allereerst de biologische landbouw -je weet wel de gewone landbouw van vroeger- veel meer gestimuleerd worden: misbruik van scheikundige meststoffen en van milieuvervuilende pesticiden en verdelgingsmiddelen moet financieel afgestraft worden in plaats van dat met subsidies te ondersteunen. Ook in de veeteeltsector mag alleen nog natuurlijk, gezond en veilig vlees worden geproduceerd. Hormonen- en antibioticagebruik om dieren op een kunstmatige manier snel slachtrijp te mesten moet verboden blijven. Grootschalige vetmesterijen van duizenden dieren zonder voldoende grondgebondenheid om het natuurlijk mest op eigen bodem af te zetten, kan niet langer toegelaten worden; invoer van goedkope soja uit Zuid-Amerika met uitbuitingsallures moet aan banden worden gelegd. Ook twijfelachtige technologische ingrepen, zoals in de krachtvoedselindustrie én de genetische manipulatie, moeten met argusogen worden opgevolgd. Elke interventie die enkel en alleen hoge winstmarges beoogt voor de voedselindustrie en het kapitaal, moet als verdacht worden aangemerkt. Omdat de volksgezondheid toch zo belangrijk is. Iedereen moet bereid zijn een rechtvaardige prijs te betalen aan DE PRODUCENTEN die ons gezond en natuurlijk gekweekt voedsel kunnen garanderen. Een groter deel van ons loon  of van onze inkomsten moet in feite aan de productie van gezond en veilig voedsel gespendeerd worden en proportioneel minder aan genotsmiddelen en aan reizen. Dan zullen we gelijktijdig gezonder worden en daardoor dus minder medicatie moeten gebruiken die op zijn beurt dan ook weer schadelijke afvalstoffen in het milieu zou brengen. Zo kan de vicieuze cirkel doorbroken worden. Dat is de gezonde en juiste waardeschaal die gerespecteerd moet worden; GA WAT MINDER OP REIS EN BETAAL…

Ik begrijp maar al te goed dat zo’n radicale oplossing promoten geen schijn van kans heeft in onze heersende logica en als onrealistisch  en onuitvoerbaar zal worden aangemerkt. We zijn zo gewoon geworden aan overdaad, luxe en genot dat we denken dat we niet meer zonder kunnen en dat het overbodige  de essentie geworden is in het leven. Nochtans is matiging van luxe bijkomstigheden op lange termijn de enige weg om natuurlijk en veilig voedsel te produceren dat de volksgezondheid ten goede komt. Dat is de rechtvaardige prijs die de mensheid daarvoor moet betalen: GEZOND VOEDSEL VERSUS OVERDREVEN COMFORT: dat is de keuze die zal moeten gemaakt worden om rechtvaardig te zijn. Misschien kunnen we dan weer genoegen nemen met het zoeken naar geluk in de nabije omgeving, bij buren, kinderen, vrienden en familie en worden menselijke relaties de topprioriteit in onze samenleving, die iedereen gelukkiger kan maken

 Ook de Europese subsidiëringwaanzin

op basis van gewassen en aantal dieren moet afgebouwd worden: vooral de grootschalige industriële bedrijven konden hier buitensporig van profiteren, terwijl de familiale bedrijven het met een habbekrats moeten stellen waardoor zij moeten werken onder de productieprijs en moeten leven onder de armoedegrens: dat is niet alleen onrechtvaardig maar ook mensonterend. Een billijk loon naar werken is een recht dat niet enkel voor de arbeiders in dienstverband geldt, maar ook voor hen die gezond, veilig en kwalitatief beter voedsel moeten produceren -zonder allerlei gesjoemel- en ten bate van de volksgezondheid.

De hierboven vermelde maatregelen zullen niet alleen zorgen voor de verlaging van de voedseloverproductie zonder echter braakliggende gronden te moeten promoten (boterbergen, vleeshopen en groenten- en fruitoverschotten en …preventief slachten) maar zullen gelijktijdig zowel de voedselveiligheid, de natuur, de duurzaamheid als de volksgezondheid, ten goede komen. Bovendien kan zo een menswaardig en juister inkomen gegarandeerd worden voor de landbouwer. Dat is de enige juiste vertrekbasis waarop een juiste voedselprijs moet geënt worden.

Als aan de boer fundamentele winstbeperkingen worden opgelegd

ten voordele van het algemeen welzijn, de volksgezondheid en het leefmilieu moet de samenleving en de gewone burger maar ook de staat bereid zijn een waarderingsvergoeding uit te betalen voor die inkomstenderving van de landbouwer Een soort “volksgezondheid- en milieu- beheersvergoeding” uit erkentelijkheid voor wat de individuele boer voor ons allemaal moet doen. Niet enkel, maar toch ook, uit solidariteit, maar meer nog uit rechtvaardigheid voor zijn geleverde arbeid én voor zijn belangrijke bijdrage aan de volksgezondheid. Zo werkt de boer opnieuw mee aan het natuurbeheer en zijn milieu- en landbouwbelangen geen tegenstrijdige opties meer. Of …zou een rechtvaardige prijs geen betere oplossing kunnen zijn als wij ons geld meer zouden gebruiken voor onze levensnoodzakelijke behoeften in plaats van aan overbodige en milieubelastende genotsmiddelen waar we nu buitenmatig veel voor over hebben om vooral “onze stand” hoog te houden met onze dikke- nekken- mentaliteit en onze genotszucht?

Om te beletten dat deze vergoeding (subsidie) in verkeerde handen zou terechtkomen

moet ze enkel uitbetaald worden aan individuele boeren in hoofdberoep, met redelijke grondgebondenheid en per hoofd geplafonneerd tot een menswaardig inkomen. Zo wordt grootschaligheid van industriële bedrijven ontmoedigd en blijft efficiëntie en rendabiliteit ondergeschikt aan de productie van gezond en natuurlijk voedsel voor een rechtvaardige prijs. 

Al deze denkpistes moeten leiden tot een herwaardering van de kleinschalige familiale landbouwbedrijven op mensenmaat,

 

waar de boer nog centraal staat op het erf, waar het dier als levend wezen nog rechten en welzijn geniet, waar door diversiteit van de gewassen en door wisselteelt de natuur wordt gerespecteerd en het gebruik van pesticiden en kunstmeststoffen tot een strikt minimum kan beperkt worden. Zo wordt gelijktijdig het mestoverschot op een natuurlijke wijze opgelost. Om dit te realiseren zal een grondige mentaliteitsverandering nodig zijn bij de milieubeschermers, de bevolking en de overheid. De drijvende kracht achter deze nieuwe en toekomstgerichte optie zijn uiteraard de kleine boeren zelf. Zij moeten zich samen verenigen om uit de handen van de industriële landbouw te blijven, die vaak door de eigen organisaties buitenmatig wordt gepromoot. Zij moeten voor hun gerechtvaardigde rechten opkomen in het belang van heel onze samenleving en moeten opnieuw beroepsfierheid aankweken, bewust van hun belangrijke functie in onze samenleving. Dat is ook de reden waarom wij van onze kant solidair moeten zijn met de landbouwers en bereid moeten zijn hen rechtvaardig te vergoeden voor hun arbeid.

De burger neemt  een verkeerde beslissing

om overmatig uit te geven aan zinloos reizen en nodeloos comfort wijl hij weigert een rechtvaardige prijs te betalen aan diegenen die ons gezond, lekker en natuurlijk voedsel willen aanbieden. Als wij opkomen voor een rechtvaardige en sociaal verantwoorde vergoeding van de arbeiders in de industriële sector en in derde wereldlanden bij het aanmaken van “de schone kleren actie” moeten wij ook durven opkomen  tegen de uitbuiting in eigen land van diegenen die verplicht worden voedsel te produceren aan dumpingprijzen. Maak vooral een redelijk onderscheid tussen wat noodzakelijk is en wat bijkomstig, tussen wat rechtvaardig is en wat ruikt naar profitariaat.

Van harte wens ik de landbouwers veel succes in hun strijd voor een rechtvaardig en leefbaar loon voor hun arbeid. Ik duim er in elk geval voor want ik heb een hart voor de landbouwers en waardering voor hun gezond boerenverstand.

 Stefaan Cleiren                                                                                                      

Kapelstraat 269bis                               09-05-2001                           

9140 Steendorp 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s